woensdag 3 augustus 2016

#Wächtersbach #Keramik

Rond 1829 werd er in de Ysenburg-Waechtersbachbossen (district Main-Kinzig-Kreis, Hessen / Duitsland) een bijzonder witte kleisoort aangetroffen die erg geschikt was voor de productie van verfijnd aardewerk. Deze bossen waren eigendom van Graaf Adolf Ernst von Ysenburg-Büdingen die er zijn slot had en zelf ook een groot porseleinliefhebber was.

Na een drietal jaren van experiment, werd er op 8 juni 1832 in Brachttal-Schlierbach nabij Wächtersbach een aardewerkfabriek opgericht, enkele notabelen van de stad stapten mee in het avontuur en fungeerden als geldschieters en aandeelhouders.

Op 1 oktober 1832 ging de productie definitief van start.

In 1840 werd door de invoer van de transferdruktechniek met koperplaten, de productie aanzienlijk opgevoerd ... gedaan met de vele uren handwerk.

Aanvankelijk vervaardigde men er eenvoudig wit gebruiksgoed: serviezen, voorraadpotten, lampvoeten, paraplubakken, wijwatervaten, lampetstellen, overpotten en nog veel meer. Tot de luxeartikelen behoorden bloemenvazen met decors van korenbloemen, aren en rozen.

In 1856 kwam de fabriek volledig in handen van de graaf en zijn zoon Ferdinand Maximillian, samen kochten zij de aandelen van hun voormalige vennoten in.

in 1874 werd de heer Max Roesler als nieuwe directeur van de fabriek aangesteld. Hij introduceerde de onderglazuur beschildering en wist het bedrijf eind negentiende eeuw
naar een eerste productiehoogtepunt te voeren. Kwaliteitsvolle producten met technisch hoogstaande decoratie werden aan de man gebracht. Bovendien
trachtte hij ook de arbeidsomstandigheden van de werknemers te verbeteren door het oprichten van een arbeidershuisjes, een school voor jonge meisjes die het keramiekvak wilden leren, een fabrieksspaarkas enz.

Dit alles met als doel de productie van het aardewerk kunsttechnisch en kwalitatief verder te ontwikkelen.

Ondanks alles verliet deze bekwame manager in 1890 het bedrijf ... ontevreden over het verdere engagement van koninklijke bloede. Hij richtte in Rodach een eigen ‘fijn steengoedfabriek’ op.

Rond de eeuwwisseling en bij de opkomst van de art nouveau telde de fabriek zowat 500 werknemers. 

Er werden toen ook luxueuzere producten gemaakt.
Keramiekontwerpers als: Carl Bull, Hans Schneeweis en Adolf Müller zaten er destijds hun beste beentje voor.

Het Wächtersbach art nouveau aardewerk blijft echter onlosmakelijk verbonden met keramist ‘Christian Neureuther’ die op 1 april 1901 onder auspiciën van de fabrieksleiding, het onafhankelijk ‘Keramischen Atelier Wächtersbach’ mocht oprichten. Een studio waar artiesten en leden van de ‘Darmstädter Kunstlerkolonie’ hun creatieve geest konden botvieren. In 1903 werd deze kring trouwens definitief bij het bedrijf ingelijfd.

Kunstenaars als: Joseph Maria Olbrich, Hans Christiansen, Paul Haustein, Albin Müller, Johann Georg Mohr, Joseph Kasper Correggio, ontwierpen er modellen voor de befaamde Darmstädter tentoonstellingen. Hierdoor konden zij ondernemingen als Villeroy&Boch fel beconcurreren.

Het aardewerk werd geëxporteerd naar Oostenrijk, Rusland, Zweden, Engeland, Amerika, Afrika en Australië. Het behoorde qua omzet en kwaliteit tot de wereldtop.

In 1921 stierf Neureuther en nam Eduard Schweitzer de leiding van het atelier over. In 1928 werd dit project gesloten wegens te duur in de opkomende crisisjaren.

In 1931 werd Ursula Fesca aangetrokken, adepte van de Bauhaus-stijl. Zij ontwierp art deco series die de algemene tijdssmaak ver vooruit waren, sommige werden pas na de tweede wereldoorlog in productie genomen. Om gezondheidsredenen verliet Ursula vanaf 1939 tot 1944 de fabriek, de oorlogsjaren zorgden voor een neerwaartse beweging in capaciteit, kwaliteit en innovatie. Men had wat anders om het hoofd dan luxe. Enkel gebruiksgoed werd nog mondjesmaat vervaardigd.

In 1947 kwam Ursula Fesca opnieuw ten tonele, ze bleef in het atelier werken tot haar pensionering in 1965. Ze stierf op 9 juni 1975 te Schlierbach. Wächtersbach Keramik kende in die naoorlogse jaren een enorm succes en daar heeft deze grote dame beslist toe bijgedragen.

Het bedrijf exporteerde over geheel Amerika. In 1976 had men zelfs een verkoopkantoor in Kansas City.

Op 18 september 2006 werd het bedrijf, toen al in financiële moeilijkheden, overgenomen door de Könitz Porzellan GmbH groep.

In 2011 werden de deuren definitief gesloten, Toch worden er de dag van vandaag nog steeds aardewerkproducten onder die merknaam verkocht door de ‘Turpin Rosenthal-groep.’

Groeten,
Meindert













    Ursula Fesca

2 opmerkingen:

  1. J'ai un ensemble pour la toilette cuvette , pot, verre à dents avec applique du même style 1928 auquel je tiens beaucoup

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Comme c'est agréable pour vous... le plus important est en effet comme vous le dites de profiter d'un objet quelle que soit sa valeur.
    La valeur des choses est celle qu'on leur attribue.

    BeantwoordenVerwijderen